“Verkeersveiligheid vraagt meer dan goede intenties. Ze vraagt keuzes die werken: duidelijke regels, rechtvaardige handhaving en maatregelen die gedrag écht veranderen, naast gerichte en volgehouden investeringen om onze infrastructuur veiliger te maken”, zegt minister Annick De Ridder.

“Het is onze ambitie om tegen 2030 het aantal verkeersdoden en zwaargewonden te halveren ten opzichte van 2019. We blijven ook mikken op Vision Zero in 2050: nul verkeersslachtoffers op onze wegen.” 

Menselijke factor blijft bepalend bij verkeersongevallen 

Uit de analyse van de ongevallencijfers blijkt dat het gevoerde beleid alvast zijn vruchten afwerpt: het aantal ongevallen en slachtoffers in het verkeer daalt. De meest recente volledige jaarcijfers (2024) geven aan dat het aantal verkeersdoden met 36% is gedaald tegenover 10 jaar geleden. Ook het aantal letselongevallen daalde met 11,5% in die periode.

“Die cijfers zijn bemoedigend en tonen aan dat we moeten verder gaan op de ingeslagen weg: het wegwerken van gevaarlijke punten, investeren in veilige weg- en fietsinfrastructuur, blijvend sensibiliseren maar ook handhaven waar nodig. Want elk slachtoffer blijft er één te veel”, aldus De Ridder.

“De analyse die aan dit plan is voorafgegaan, identificeert enkele aandachtspunten en knelpunten, waarmee we met dit plan aan de slag gaan. Een belangrijke factor daarbij blijft het feit dat menselijke fouten – zoals rijden onder invloed, overdreven snelheid, afleiding – nog steeds de belangrijkste oorzaak blijven van verkeersongevallen.” 

Gerichte beleidskeuzes met grootste impact 

Het Verkeersveiligheidsplan Vlaanderen 2026-2030 bouwt verder op de good practices van de voorbije jaren en bundelt gerichte maatregelen die elkaar versterken en maximaal inzetten op effectiviteit. 

Rechtvaardige en transparante snelheidshandhaving vormt een belangrijke pijler binnen het Vlaamse verkeersveiligheidsbeleid, met objectieve plaatsingscriteria voor snelheidscontroles, duidelijke communicatie en een performantere verwerking van overtredingen. Daarnaast komt er meer ruimte voor alternatieve sancties en leermaatregelen, die inzetten op gedragsverandering en het voorkomen van herval.  Ook relatief nieuwe mobiliteitsconcepten zoals e-steps krijgen de noodzakelijke aandacht in dit plan.  Om oneigenlijk gebruik tegen te gaan, zetten we extra in op sensibilisering en extra handhaving. 

In dit plan versterken we ook de samenwerking met steden en gemeenten via een doortastend verkeersveiligheidspact dat in 2026 zal worden gefinaliseerd. Dit pact is een gemeenschappelijk verhaal, waarin iedereen op zijn eigen niveau autonoom beslissingen neemt om de verkeersveiligheid te verbeteren. 

“We blijven ook fors investeren in veilige en kwalitatieve fietsinfrastructuur en voetgangersvoorzieningen, en in het wegwerken van gevaarlijke punten met een dynamische lijst en kleine, snelle ingrepen waar mogelijk.  Ook de hervorming van de technische keuring maken we toekomstbestendig en klantvriendelijker, met focus op de verkeersveiligheid.  Ook de enorme inhaalbeweging voor structureel onderhoud – met een groeipad van 924 miljoen euro per jaar in 2024 naar 1,4 miljard euro per jaar in 2029 is een cruciale hefboom om ons wegennet veiliger te maken”, aldus de minister. 

Het Verkeersveiligheidsplan 2026-2030 wordt opgevolgd via duidelijke indicatoren en tegen 2029 grondig geëvalueerd.